Flexibilisering van de arbeidsmarkt is goed voor de economie, de staatsschuld is te hoog en bezuinigingen helpen tegen de crisis. Zeggen ze. Politici en beleidsmakers simplificeren de werking van de economie tot wat hun goed uitkomt. Rendementsdenken staat voorop. Mirjam de Rijk ontrafelt de belangrijkste economische mythes van dit moment: over werk en werkloosheid, de crisis, de markt en de overheid. Hoe onbetaalbaar is de zorg nou echt? Zijn de loonkosten inderdaad te hoog? Is de crisis werkelijk voorbij?
Mirjam de Rijk laat zien dat je op een andere manier naar de economie kunt kijken en levert met dit boek een bijdrage aan de agenda voor onder meer het gezonder maken van de financiële sector, de aanpak van ongelijkheid en het werkelijk creëren van banen.
51 mythes over wat goed zou zijn voor de economie is het perfecte boek om meer greep te krijgen op de belangrijkste economische en sociale kwesties van deze tijd.
Economie kan niet zonder een gezond moraal
In dit boek ontmantelt Mirjam de Rijk 51 mythes. De mythes zijn ingedeeld over 6 thema's: mythes wat economie is, mythes over werk en werkloosheid, mythes over markt en overheid, mythes over ongelijkheid, mythes over crisis en mythes over Griekenland en de eurocrisis.
Natuurlijk kunnen we niet alle mythes bespreken. Dat is ook niet de bedoeling van een boekbespreking. Toch wil er wel een paar uitlichten:
Mythe 1 stelt dat economie over geld gaat. Economie is in het Westen in de 20ste eeuw vooral cijfermatig geworden. Het gaat dus over geld. Adam Smith vader van de markteconomie en het kapitalisme was moraalfilosoof. Hij dacht na wat goed voor een samenleving is en was geen wiskundige. Een beroep op hem is dus een vals beroep. Steeds meer is de wiskunde en zijn de cijfers de economische wetenschap gaan beheersen. Maar economie kan niet zonder de geestenwetenschap. Er moet gekeken worden wat goed is voor heel de samenleving en niet voor een paar geldschieters of aandeelhouders die gauw rijk wil worden.
Mythe 32 stelt dat iedereen profiteert van economische groei. Dat is veelal de rode draad bij de kabinetten. In werkelijkheid kan er steeds meer scheefgroei komen en wordt de portemonnee alleen van de rijkeren meer en meer gevuld (door inkomen of vermogen).
Mythe 35 gaat over de bankencrisis. Volgens een aantal economen was het een ongelukje want een financieel systeem kan eigenlijk niet instorten. De econoom Hyman Minsky (1919-1996) stelde kort na WO2 dat een economie crisisgevoelig is doordat mensen in goede tijden te optimistisch zijn. Ze worden dan overmoedig en lenen te makkelijk. Ook de banken zijn dan overmoedig. Er ontstaan dus bubbels die crises gevoelig zijn. Er hoeft maar een steentje om te vallen en de rest valt dan ook om omdat er geen reserves zijn. De economie komt dan in een crisis en zonder ingrijpen van de overheid (visie van Keynes) kan dat nog heel lang duren voor men daar weer uit is.
Mythe 47 stelt dat als de aandelen stijgen het goed gaat met de economie. Maar dat kan ook een zeepbel zijn. Als de winst van een bedrijf stijgt wordt en meer belegd en dan stijgen de aandelen dus denken mensen dat handel in aandelen lucratief is. Er worden weer meer aandelen verkocht met als gevolg dat de koersen van de aandelen stijgen... Er ontstaat zo een grote zeepbel. Ook hier is weer de oorzaak dat als het een beetje goed gaat mensen te optimistisch worden met alle gevolgen van dien.
Mythe 51: Ze (Griekenland) hebben nog niets gedaan. De Grieken zouden van alles beloofd hebben om de crisis in hun land te beslechten maar ze zouden niets gedaan hebben. Mirjam de Rijk laat zien dat de Grieken wel veel gedaan hebben om de economie weer op orde te krijgen. Wel bleef de staatschuld stijgen... Toch was het IMF voor het kwijtschelden van schulden. Dat zou de oplossing zijn geweest maar ja dat wilde Europa niet.
Mythe 6 stelt dat we binnenkort te weinig arbeidskrachten hebben. Dit is een uitspraak van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Mirjam schreef dit boek in 2015. Ze stelde dat de bewering is gebaseerd op vergrijzing. Zij zet hier tegenover dat volgens de universiteit van Oxford door automatisering de helft van de banen zal verdwijnen en dan zou er dus mogelijkerwijs haast geen tekort aan arbeid kunnen zijn. Maar thans in 2026 weten we wel beter. Dus mythe 6 is geen mythe maar werkelijkheid.
Ondanks dit puntje van kritiek, is 51 mythes een heel goed boek. Economie is meer dan cijfers. Het is veel breder. Het gaat om het welzijn van mensen en ook het milieu. Dat laatste heeft Mirjam in dit boek niet aan de orde gesteld. Dat was een bewuste keuze. Ze merkt op in haar voorwoord: "Het staat buiten kijf dat er tal van andere argumenten zijn om iets wel of niet te willen, waaronder ecologische en sociale, maar daar zijn al veel boeken over geschreven". Samenvattend: economie mag volgens Mirjam niet verworden tot kille cijfers. Het gaat over waarden. Ik moet daarbij denken aan het boek van Matthias Olthaar 'Alles van waarde'.
Mirjam de Rijk laat zien dat je op een andere manier naar de economie kunt kijken en levert met dit boek een bijdrage aan de agenda voor onder meer het gezonder maken van de financiële sector, de aanpak van ongelijkheid en het werkelijk creëren van banen.
51 mythes over wat goed zou zijn voor de economie is het perfecte boek om meer greep te krijgen op de belangrijkste economische en sociale kwesties van deze tijd.
Economie kan niet zonder een gezond moraal
In dit boek ontmantelt Mirjam de Rijk 51 mythes. De mythes zijn ingedeeld over 6 thema's: mythes wat economie is, mythes over werk en werkloosheid, mythes over markt en overheid, mythes over ongelijkheid, mythes over crisis en mythes over Griekenland en de eurocrisis.
Natuurlijk kunnen we niet alle mythes bespreken. Dat is ook niet de bedoeling van een boekbespreking. Toch wil er wel een paar uitlichten:
Mythe 1 stelt dat economie over geld gaat. Economie is in het Westen in de 20ste eeuw vooral cijfermatig geworden. Het gaat dus over geld. Adam Smith vader van de markteconomie en het kapitalisme was moraalfilosoof. Hij dacht na wat goed voor een samenleving is en was geen wiskundige. Een beroep op hem is dus een vals beroep. Steeds meer is de wiskunde en zijn de cijfers de economische wetenschap gaan beheersen. Maar economie kan niet zonder de geestenwetenschap. Er moet gekeken worden wat goed is voor heel de samenleving en niet voor een paar geldschieters of aandeelhouders die gauw rijk wil worden.
Mythe 32 stelt dat iedereen profiteert van economische groei. Dat is veelal de rode draad bij de kabinetten. In werkelijkheid kan er steeds meer scheefgroei komen en wordt de portemonnee alleen van de rijkeren meer en meer gevuld (door inkomen of vermogen).
Mythe 35 gaat over de bankencrisis. Volgens een aantal economen was het een ongelukje want een financieel systeem kan eigenlijk niet instorten. De econoom Hyman Minsky (1919-1996) stelde kort na WO2 dat een economie crisisgevoelig is doordat mensen in goede tijden te optimistisch zijn. Ze worden dan overmoedig en lenen te makkelijk. Ook de banken zijn dan overmoedig. Er ontstaan dus bubbels die crises gevoelig zijn. Er hoeft maar een steentje om te vallen en de rest valt dan ook om omdat er geen reserves zijn. De economie komt dan in een crisis en zonder ingrijpen van de overheid (visie van Keynes) kan dat nog heel lang duren voor men daar weer uit is.
Mythe 47 stelt dat als de aandelen stijgen het goed gaat met de economie. Maar dat kan ook een zeepbel zijn. Als de winst van een bedrijf stijgt wordt en meer belegd en dan stijgen de aandelen dus denken mensen dat handel in aandelen lucratief is. Er worden weer meer aandelen verkocht met als gevolg dat de koersen van de aandelen stijgen... Er ontstaat zo een grote zeepbel. Ook hier is weer de oorzaak dat als het een beetje goed gaat mensen te optimistisch worden met alle gevolgen van dien.
Mythe 51: Ze (Griekenland) hebben nog niets gedaan. De Grieken zouden van alles beloofd hebben om de crisis in hun land te beslechten maar ze zouden niets gedaan hebben. Mirjam de Rijk laat zien dat de Grieken wel veel gedaan hebben om de economie weer op orde te krijgen. Wel bleef de staatschuld stijgen... Toch was het IMF voor het kwijtschelden van schulden. Dat zou de oplossing zijn geweest maar ja dat wilde Europa niet.
Mythe 6 stelt dat we binnenkort te weinig arbeidskrachten hebben. Dit is een uitspraak van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Mirjam schreef dit boek in 2015. Ze stelde dat de bewering is gebaseerd op vergrijzing. Zij zet hier tegenover dat volgens de universiteit van Oxford door automatisering de helft van de banen zal verdwijnen en dan zou er dus mogelijkerwijs haast geen tekort aan arbeid kunnen zijn. Maar thans in 2026 weten we wel beter. Dus mythe 6 is geen mythe maar werkelijkheid.
Ondanks dit puntje van kritiek, is 51 mythes een heel goed boek. Economie is meer dan cijfers. Het is veel breder. Het gaat om het welzijn van mensen en ook het milieu. Dat laatste heeft Mirjam in dit boek niet aan de orde gesteld. Dat was een bewuste keuze. Ze merkt op in haar voorwoord: "Het staat buiten kijf dat er tal van andere argumenten zijn om iets wel of niet te willen, waaronder ecologische en sociale, maar daar zijn al veel boeken over geschreven". Samenvattend: economie mag volgens Mirjam niet verworden tot kille cijfers. Het gaat over waarden. Ik moet daarbij denken aan het boek van Matthias Olthaar 'Alles van waarde'.