Leeslint professor Gerard Wisse
In dit leeslint bespreek ik kort een aantal geschriften van professor Gerard Wisse.
De zangers aan de glazen zee:
de overwinnaars over 666
Door professor Gerard Wisse
1928
Professor Wisse verbindt in deze tijdrede de zangers aan de glazen zee met het getal 666. Wisse ziet het getal 666 als net geen 7. Gods oordelen in Openbaring zijn volkomen. Ze zijn driemaal 7: zeven bazuinen. zeven engelen en zeven schalen met Gods toorn. De duivel en het beest komen niet verder dan 666 (Openbaring 13,18). Dat is het getal van de mens die op de 6de dag werd geschapen. Na de val mist de gevallen mens, die een prooi is van satan de ware rust, de sabbat (Augustinus zei in de belijdenissen: Onrustig is ons hart totdat het rust vindt in U). God kon destijds wel van zijn werken rusten maar de satan en zijn volgers hebben geen rust (Openbaring 14, 11 en zij die het beest volgen en aanbidden, hebben dag en nacht geen rust (sabbat).
De zangers zingen een nieuw lied (Openbaring 14,3). Zij hebben de rust gevonden in het Lam en zij zijn gewassen in zijn bloed. Ze hebben geleerd dat al hun werken niet meer zijn dan 666, onvolkomen en onvolmaakt. Zelfs hun beste werken zijn niet meer dan 666 en zo zijn ze 7de dag mensen geworden die de rust hebben gevonden in Jezus hun Heiland. Zij zijn de zangers aan de glazen zee en zij zijn de overwinnaars van 666 dankzij Christus. In Hem zijn de meer dan overwinnaars.... Zij weten waarvan zij verlost zijn (van de duivel, de gevallen wereld en hun eigen hart) en vooral ook door Wie (het Lam, Jezus) zij verlost zijn...
Openbaring 15:2-3 En ik zag iets als een glazen zee, met vuur gemengd. En de overwinnaars van het beest, van zijn beeld, van zijn merkteken en van het getal van zijn naam stonden bij de glazen zee, met de citers van God.
En zij zongen het lied van Mozes, de dienstknecht van God, en het lied van het Lam, met de woorden: Groot en wonderbaarlijk zijn Uw werken, Heere, almachtige God; rechtvaardig en waarachtig zijn Uw wegen, Koning van de heiligen!
De vreugde uws heils
Practicale verhandeling naar Psalm 51,14a
Door Prof. G. Wisse
1954
In Psalm 51,14a vraagt David of de HEERE het terug wil geven de vreugde van het heil. Door de zonde met Bathseba was David dit kwijtgeraakt. Wisse wijst erop dat een kind van God gerechtvaardigd is maar door de zonde raakt een kind van God het zicht op het heil kwijt. Nathan zei tegen David: Jij bent die man. Dat bracht David in de schuld en toe vergaf God de zonde. Zo kwam er weer ruimte en zicht op het heil. Daarom staat er in het onze Vader wat dagelijks gebeden moet worden: vergeef ons onze (dagelijkse) schulden. David is bang om weer in de zonde te vallen en bidt daarom (vers 12): "Schep mij een rein hart, o God, en vernieuw in mijn binnenste een standvastige geest" Toch zondigde David niet goedkoop. Hij moest de gevolgen van zijn daad dragen want een zwaard ging door zijn huis waarbij gedacht moet worden aan de opstand van Absalom en diens dood. In deze Psalm zien we iets terug van Gods trouw richting zijn kinderen. Hij zoek David weer op via Nathan. Het is een eenzijdig Gods werk volgens Wisse maar dat mag niemand lijdelijk maken. Maar het geeft wel aan hoe diep de mens gevallen is en hoe de mens geheel aangewezen is op Gods genade. In deze Psalm komt ook de erfzonde ter sprake als een niet door de mens te stoppen bron van het kwaad. Psalm 51:7: "Zie (let op), ik ben in ongerechtigheid geboren, in zonde heeft mijn moeder mij ontvangen".
In dit leeslint bespreek ik kort een aantal geschriften van professor Gerard Wisse.
De zangers aan de glazen zee:
de overwinnaars over 666
Door professor Gerard Wisse
1928
Professor Wisse verbindt in deze tijdrede de zangers aan de glazen zee met het getal 666. Wisse ziet het getal 666 als net geen 7. Gods oordelen in Openbaring zijn volkomen. Ze zijn driemaal 7: zeven bazuinen. zeven engelen en zeven schalen met Gods toorn. De duivel en het beest komen niet verder dan 666 (Openbaring 13,18). Dat is het getal van de mens die op de 6de dag werd geschapen. Na de val mist de gevallen mens, die een prooi is van satan de ware rust, de sabbat (Augustinus zei in de belijdenissen: Onrustig is ons hart totdat het rust vindt in U). God kon destijds wel van zijn werken rusten maar de satan en zijn volgers hebben geen rust (Openbaring 14, 11 en zij die het beest volgen en aanbidden, hebben dag en nacht geen rust (sabbat).
De zangers zingen een nieuw lied (Openbaring 14,3). Zij hebben de rust gevonden in het Lam en zij zijn gewassen in zijn bloed. Ze hebben geleerd dat al hun werken niet meer zijn dan 666, onvolkomen en onvolmaakt. Zelfs hun beste werken zijn niet meer dan 666 en zo zijn ze 7de dag mensen geworden die de rust hebben gevonden in Jezus hun Heiland. Zij zijn de zangers aan de glazen zee en zij zijn de overwinnaars van 666 dankzij Christus. In Hem zijn de meer dan overwinnaars.... Zij weten waarvan zij verlost zijn (van de duivel, de gevallen wereld en hun eigen hart) en vooral ook door Wie (het Lam, Jezus) zij verlost zijn...
Openbaring 15:2-3 En ik zag iets als een glazen zee, met vuur gemengd. En de overwinnaars van het beest, van zijn beeld, van zijn merkteken en van het getal van zijn naam stonden bij de glazen zee, met de citers van God.
En zij zongen het lied van Mozes, de dienstknecht van God, en het lied van het Lam, met de woorden: Groot en wonderbaarlijk zijn Uw werken, Heere, almachtige God; rechtvaardig en waarachtig zijn Uw wegen, Koning van de heiligen!
De vreugde uws heils
Practicale verhandeling naar Psalm 51,14a
Door Prof. G. Wisse
1954
In Psalm 51,14a vraagt David of de HEERE het terug wil geven de vreugde van het heil. Door de zonde met Bathseba was David dit kwijtgeraakt. Wisse wijst erop dat een kind van God gerechtvaardigd is maar door de zonde raakt een kind van God het zicht op het heil kwijt. Nathan zei tegen David: Jij bent die man. Dat bracht David in de schuld en toe vergaf God de zonde. Zo kwam er weer ruimte en zicht op het heil. Daarom staat er in het onze Vader wat dagelijks gebeden moet worden: vergeef ons onze (dagelijkse) schulden. David is bang om weer in de zonde te vallen en bidt daarom (vers 12): "Schep mij een rein hart, o God, en vernieuw in mijn binnenste een standvastige geest" Toch zondigde David niet goedkoop. Hij moest de gevolgen van zijn daad dragen want een zwaard ging door zijn huis waarbij gedacht moet worden aan de opstand van Absalom en diens dood. In deze Psalm zien we iets terug van Gods trouw richting zijn kinderen. Hij zoek David weer op via Nathan. Het is een eenzijdig Gods werk volgens Wisse maar dat mag niemand lijdelijk maken. Maar het geeft wel aan hoe diep de mens gevallen is en hoe de mens geheel aangewezen is op Gods genade. In deze Psalm komt ook de erfzonde ter sprake als een niet door de mens te stoppen bron van het kwaad. Psalm 51:7: "Zie (let op), ik ben in ongerechtigheid geboren, in zonde heeft mijn moeder mij ontvangen".